feb 2009
Dwergy is dood
26 februari 2009, 11:16 Opgeslagen in: Leven in
Utrecht
Kinderen moeten leren afscheid te nemen. Afscheid van een levend wezen. Daarom geef je ze een huisdier dat niet lang leeft. Schildpad ≠ goed idee. Papegaai ook niet. Konijn wel. Hamster ook. Dwerghamster nog beter, want klein. Zo kreeg de grote kleine Nouws een dwerghamster. Opgehaald in Made, inclusief kooi en onmiddellijk omgedoopt van Quintus tot Dwergy. Een klein grappig beestje met zwarte oogjes dat van zich af beet als je hem onverwacht uit zijn kooi haalde. Maar verder heel lief was en verder uren in zijn hamsterbol door de kamer kon rossen.
En opeens was hij verlamd aan zijn achterpootje. En de andere ochtend was hij aan zijn hele achterlijf verlamd. Het schijnt wel vaker voor te komen bij hamsters. Maar waarom nou net weer bij die van ons? De grote kleine Nouws leerde meteen afscheid nemen. Na vier maanden alweer. Een theekistje van de Xenos werd versierd en Dwergy werd erin gelegd. Nu kon ik mooi een foto van hem maken, want eerder mislukte dat altijd, dus het kwam nu wel goed uit dat hij dood was. Meteen werd de kans aangegrepen om te kijken of Dwergy een jongetje of een meisje was. Een jongetje, was de conclusie.

Ik heb in mijn jeugd samen met mijn zussen ook heel wat hamsters versleten. Goudhamsters waren dat, die tot een dwerghamster staan als een Vlaamse Reus tot een gewoon konijn. Ze heetten allemaal Hammie. Hammie 1. Hammie 2. Hammie 3 en Hammie 4. Om Hammie 3 of 4 heb ik nog in de klas zitten huilen. Ik zat toen in de tweede klas (nu groep 4). Waarschijnlijk hebben we die toen in de tuin begraven. Het was het begin van een heleboel afscheiden. Van de konijnen (die we met Kerst aten, maar dat wist ik niet). Van de tortelduiven. Van de katten Sander 1, Sander 2, Krelis en Mientje.
Ik moet zeggen, het wende nooit. En ik kan nog steeds geen afscheid nemen.
Kroegentocht Breda 23 februari, 13.08 Breda CS
21 februari 2009, 22:20
Het is even
wennen, dat ik op Carnavalszaterdag thuis zit. Maar
ja, kleinste net een week 40 graden koorts gehad en
mevrouw wil ook wel eens Carnaval vieren. Zucht. Tien
Carnavals geleden leerden we elkaar opnieuw kennen.
Maar ja, met Carnaval moete je altijd de elfde
vieren.
Goed. Komt allen naar de kroegentocht in Breda. We komen uit Etten-Leur aan op Breda CS rond 13.08. Sluit aan. De eerste stop is dat hotel in het oude postkantoor, geen idee of het van naam veranderd is, je weet nooit. We eindigen in de Spinola en als het een beetje meezit gaan we doorzakken in de Charelli.
Als je mijn 06-nummer hebt, bel me. En anders, zoekt en gij zult vinden...
De stickers van dit jaar. Voor het eerst in kleur!
Goed. Komt allen naar de kroegentocht in Breda. We komen uit Etten-Leur aan op Breda CS rond 13.08. Sluit aan. De eerste stop is dat hotel in het oude postkantoor, geen idee of het van naam veranderd is, je weet nooit. We eindigen in de Spinola en als het een beetje meezit gaan we doorzakken in de Charelli.
Als je mijn 06-nummer hebt, bel me. En anders, zoekt en gij zult vinden...
De stickers van dit jaar. Voor het eerst in kleur!
Harry
20 februari 2009, 09:19 Opgeslagen in: Leven in
Utrecht

Haalt hij het of haalt hij het niet? Deze zomer wordt hij 18, onze voormalige terreurkater, onze strenge toezichthouder van vuilnisbakken, tuintjes en merels, maar nu een wankelende broodmagere sukkelaar die elke dag een kwart van zijn gewicht eet en het nagenoeg onverteerd weer uitkakt (zodat een blik kattenvoer voor mij nu naar kattenpoep ruikt). Al twee zomers hebben we gedacht dat het nu echt de laatste zomer is. Maar nu kan hij niet meer op de vensterbank springen om uit het aquarium te drinken, hij meurt een beetje omdat hij te stram is om zijn kont te wassen en steeds vaker kakt hij op de deurmat. Dus het zou nu wel eens de laatste zomer kunnen zijn.
Laat het dan in godsnaam een goede zomer zijn.
Waarheid
12 februari 2009, 23:57
Een dwaas kan
meer vragen stellen dan Google kan
beantwoorden.
Goedkoop eten bij de Burger King
11 februari 2009, 15:22 Opgeslagen in: Een beetje
minder
Niet heel
bekend: op de site van de Burger King staan
voortdurend kortingsbonnen. Je bent gek als je de
volle prijs betaalt. Alleen, je moet eerst je ziel en
zaligheid verkopen om in het bezit van die bonnen te
komen. Heb ik voor jullie gedaan. Neemt en eet
hiervan, want dit is mijn Whopper. Tot mijn schuld,
tot mijn schuld, tot mijn grote grote schuld.












Dit is geweldig
08 februari 2009, 14:20
Ik had er al
over gehoord. Dat er lange rijen stonden. Dat het
leuk was. En lekker. En het klopt allemaal.
Dit is een ontbijt (alleen
op zondag)-lunch-diner-café in de Snellestraat in
Den Bosch, vrij dichtbij het station. Ingericht
met hergebruikt spul van de kringloper. Eén
postmodernistische explosie van servies, meubilair
en bestek. Ontzettend vriendelijk personeel, een
relaxte sfeer in de open keuken en grappig
opgediende gerechten. Zoals de chocolademousse
(vet en dik als boter en tegelijk luchtig als een
Bros), die op een garde zit. Want wat is er immers
lekkerder dan een garde aflikken? Het brood komt
in een broodzak, friet in een puntzak.
Geen
topcuisine, maar als je ziet dat ik 60 euro kwijt was
voor twee bier vooraf, een wijn en en bier bij het
eten, nacho's vooraf, eenmaal rauwe tonijn (zes of
acht plakken, in ieder geval veel), eenmaal gamba's
en cheesecake, mousse en twee koffie na, dan geeft
dat ook niet. De frieten (vlaamse, dat wel) waren
niet zelf gesneden, maar de espresso was weer ok.
Het fijnste was de sfeer. Gezinnen met kinderen, vriendinnen op leeftijd, jonge stelletjes, alles door elkaar. Iedereen was ontspannen. Komt vast door de sfeer. Als ik in zo'n tent zit twijfel ik eraan of ik niet weer eens een keer moet terugkeren naar Brabant.
Had ik al een keer geschreven dat het merendeel van mijn vrienden- en kennissenkring uit import-Zuiderlingen bestaat?
Het fijnste was de sfeer. Gezinnen met kinderen, vriendinnen op leeftijd, jonge stelletjes, alles door elkaar. Iedereen was ontspannen. Komt vast door de sfeer. Als ik in zo'n tent zit twijfel ik eraan of ik niet weer eens een keer moet terugkeren naar Brabant.
Had ik al een keer geschreven dat het merendeel van mijn vrienden- en kennissenkring uit import-Zuiderlingen bestaat?
Mr. E. Hagaki
05 februari 2009, 11:09 Opgeslagen in: Leven in
Utrecht
Mr E. Hagaki
(Inleiding bij de expositie van Ramon Verberne en Joris Diks in het Stadhuis Utrecht, 5 t/m 7 februari 2009)
In de
eerste jaren van mijn studie in Utrecht was er een
jongen die nooit eens gezellig mee kon doen op
vrijdag. Op vrijdag ging hij naar huis: hij was
zaterdagbesteller bij de post in Apeldoorn. Dat
betekende dat hij heel vroeg moest opstaan om post te
sorteren en te bezorgen.
Leek mij heel suf, maar hij plukt er als ambtenaar nu nog de vruchten van. Zijn acht jaar bij de post telden met terugwerkende kracht als dienstjaren bij de overheid, zodat hij onlangs meteen naar de hoogste schaal kon verhuizen.
Ook in 1980 in Apeldoorn had hij veel lol. Zo voerden de zaterdagbestellers zwaardgevechten met de kokers waarin de posters van Verkerke (wie kent ze nog) werden verstuurd en werden alle ansichtkaarten hardop voorgelezen. Briefkaarten aan de bewoners van Paleis het Loo bij Apeldoorn, in die tijd Prinses Margriet en Pieter van Vollenhoven, kregen een speciale behandeling, die mochten een dagje op het prikbord hangen zodat iedereen kon zien wat Prins Bernhard had geschreven.
Zijn verhalen verbaasden me niets. In 1980 kon je niet e-mailen en de telefoon moest je delen met tien anderen. Als je uitgebreid contact wilde onderhouden deed je dat per brief. Mijn brieven bestonden al snel uit complete dozen met diorama's en boekjes in een oplage van één. Dat ging toen veel gemakkelijker dan nu, een brief hoefde niet per se in de brievenbus te passen, net als nu.
Ik had al snel door dat ook je brief niet boven het maaiveld moet uitsteken. Nadrukkelijk op een envelop schrijven 'voorzichtig!' of 'breekbaar' leek juist een uitdaging voor PTT'ers om eens te kijken hóe breekbaar iets was.
Mijn enveloppen kwamen wel eens leeg aan. Of uitzonderlijk laat. Of met een envelop eromheen van een officiële PTT-instantie en een verontschuldigende brief dat mijn post ergens op een gekke plek was gevonden.
Ik weet eigenlijk niet of mijn post op zijn tijd niet aankwam omdat de zaterdagbestellers een hekel hadden aan brieven die niet machinaal verwerkt konden worden, of omdat ze uit nieuwsgierigheid werden opengemaakt en daarna weggegooid.
Met deze ervaring in mijn achterhoofd vind ik het wonderbaarlijk dat er na vier jaar kunstcorrespondentie genoeg kunstwerken zijn aangekomen om Ramon Verberne en Joris Diks er een heel boek mee te laten vullen. Het kan zijn dat de tijden zijn veranderd en dat zaterdagbestellers tegenwoordig zich meer bezighouden met de e-mails van Manon Thomas of het downloadgedrag van een officier van justitie.
Ik heb als spreker vandaag het boek natuurlijk al eerder mogen zien dan de ontvanger van het eerste exemplaar. Ik moet zeggen: ik heb altijd moeite met dit soort boekjes. Het is de neerslag van vier jaar kunstcorrespondentie. Het is een selectie uit een monomane artistieke relatie tussen twee mannen (ik bedoel dat niet negatief, monomanie is de motor van de wereld, het zijn de monomanen die processen, voorwerpen, ideeën, kunstcorrespondenties tot perfectie weten te dwingen). Een soort 'Best Of'. En dan denk ik, wie maakt dat uit? Houden jullie niet lekker het mooiste voor jezelf, Ramon en Joris? De kunstwerken zijn unica en op het moment dat je ze in een boekje zet zijn het meteen een soort… eh… e-mails, dus ik kan me heel goed voorstellen dat de echte schatten bij Ramon en Joris thuis veilig opgeborgen liggen. En ik vind het al zo mooi wat hier verzameld is.
Ik krijg regelmatig folders in mijn bus (ik heb geen nee-nee-sticker) waarin de post vraagt om postbodes. Ik heb al een paar keer overwogen te solliciteren. De kredietcrisis is mij ook niet in de kouwe kleren gaan zitten en elke dag een paar uur lichaamsbeweging is ook niet verkeerd. Maar op een of andere manier heb ik nooit de stap genomen. Maar als ik er nu eens voor kon zorgen dat ik een wijk kreeg waarin Ramon of Joris wonen…
Mmmm…
(Inleiding bij de expositie van Ramon Verberne en Joris Diks in het Stadhuis Utrecht, 5 t/m 7 februari 2009)
Leek mij heel suf, maar hij plukt er als ambtenaar nu nog de vruchten van. Zijn acht jaar bij de post telden met terugwerkende kracht als dienstjaren bij de overheid, zodat hij onlangs meteen naar de hoogste schaal kon verhuizen.
Ook in 1980 in Apeldoorn had hij veel lol. Zo voerden de zaterdagbestellers zwaardgevechten met de kokers waarin de posters van Verkerke (wie kent ze nog) werden verstuurd en werden alle ansichtkaarten hardop voorgelezen. Briefkaarten aan de bewoners van Paleis het Loo bij Apeldoorn, in die tijd Prinses Margriet en Pieter van Vollenhoven, kregen een speciale behandeling, die mochten een dagje op het prikbord hangen zodat iedereen kon zien wat Prins Bernhard had geschreven.
Zijn verhalen verbaasden me niets. In 1980 kon je niet e-mailen en de telefoon moest je delen met tien anderen. Als je uitgebreid contact wilde onderhouden deed je dat per brief. Mijn brieven bestonden al snel uit complete dozen met diorama's en boekjes in een oplage van één. Dat ging toen veel gemakkelijker dan nu, een brief hoefde niet per se in de brievenbus te passen, net als nu.
Ik had al snel door dat ook je brief niet boven het maaiveld moet uitsteken. Nadrukkelijk op een envelop schrijven 'voorzichtig!' of 'breekbaar' leek juist een uitdaging voor PTT'ers om eens te kijken hóe breekbaar iets was.
Mijn enveloppen kwamen wel eens leeg aan. Of uitzonderlijk laat. Of met een envelop eromheen van een officiële PTT-instantie en een verontschuldigende brief dat mijn post ergens op een gekke plek was gevonden.
Ik weet eigenlijk niet of mijn post op zijn tijd niet aankwam omdat de zaterdagbestellers een hekel hadden aan brieven die niet machinaal verwerkt konden worden, of omdat ze uit nieuwsgierigheid werden opengemaakt en daarna weggegooid.
Met deze ervaring in mijn achterhoofd vind ik het wonderbaarlijk dat er na vier jaar kunstcorrespondentie genoeg kunstwerken zijn aangekomen om Ramon Verberne en Joris Diks er een heel boek mee te laten vullen. Het kan zijn dat de tijden zijn veranderd en dat zaterdagbestellers tegenwoordig zich meer bezighouden met de e-mails van Manon Thomas of het downloadgedrag van een officier van justitie.
Ik heb als spreker vandaag het boek natuurlijk al eerder mogen zien dan de ontvanger van het eerste exemplaar. Ik moet zeggen: ik heb altijd moeite met dit soort boekjes. Het is de neerslag van vier jaar kunstcorrespondentie. Het is een selectie uit een monomane artistieke relatie tussen twee mannen (ik bedoel dat niet negatief, monomanie is de motor van de wereld, het zijn de monomanen die processen, voorwerpen, ideeën, kunstcorrespondenties tot perfectie weten te dwingen). Een soort 'Best Of'. En dan denk ik, wie maakt dat uit? Houden jullie niet lekker het mooiste voor jezelf, Ramon en Joris? De kunstwerken zijn unica en op het moment dat je ze in een boekje zet zijn het meteen een soort… eh… e-mails, dus ik kan me heel goed voorstellen dat de echte schatten bij Ramon en Joris thuis veilig opgeborgen liggen. En ik vind het al zo mooi wat hier verzameld is.
Ik krijg regelmatig folders in mijn bus (ik heb geen nee-nee-sticker) waarin de post vraagt om postbodes. Ik heb al een paar keer overwogen te solliciteren. De kredietcrisis is mij ook niet in de kouwe kleren gaan zitten en elke dag een paar uur lichaamsbeweging is ook niet verkeerd. Maar op een of andere manier heb ik nooit de stap genomen. Maar als ik er nu eens voor kon zorgen dat ik een wijk kreeg waarin Ramon of Joris wonen…
Mmmm…
Mais Que Nada 1966
03 februari 2009, 11:30
Kutboek
01 februari 2009, 22:29
Ach ja.
In het voorwoord schrijft een vrouw dat het opvallend is dat de meeste gyneacologen man zijn en dat mannen feilloos de kut van hun geliefde weten aan te wijzen in een reeks foto's, terwijl vrouwen hun eigenste niet eens herkennen.
Grappig.
Mijn uroloog is een vrouw. Zou zij dezelfde fascinatie hebben als een man die gyneacoloog wordt? Ik wil het niet weten. Ik ben wel een tijd lang door een jonge aantrekkelijke huisarts-in-opleiding geholpen. Geen haar op mijn hoofd die er over dacht om bij haar een verwijsbriefje voor de uroloog te halen als het nodig was.
Maar goed.
Een aanrader dit boek, zowel voor mannen, als voor vrouwen.










